JS - OBJECTEN
DEEL 1
INGEBOUWDE OBJECTEN

Koppelingen - Voorbeelden bij dit hoofdstuk:
String
Date
Array
Boolean
Math

HOOFDSTUKKEN

Algemeen
String
Date
Array
Boolean
Math



Algemeen

Terug naar de top


Ingebouwde objecten
JavaScript kent vijf ingebouwde objecten:

  1. String object.
    Het string-object wordt gebruikt om een opgeslagen stuk tekst te manipuleren.
  2. Date object
    Dit object wordt gebruikt om te werken met datum en tijd.
  3. Array object
    Een array is een hoeveelheid waarden di in één variabele naam is opgeslagen.
  4. Boolean object
    Deze werkt met de booleaanse waarden true en false
  5. Math object
    Met het math object kunnen rekenkundige taken worden uitgevoerd. Het bevat diverse rekenkundige constanten en functies.

Op deze objecten kunnen ook top level properties en functions worden toegepast. Het gaat hier om properties en functions die op alle ingebouwde objecten toepasbaar zijn. Voorbeelden zijn NaN en eval().

 

Het aantal properties en functions is groot. Daaromm wordt per object een enkel voorbeeld gegeven. Een overzicht van alle voorbeelden is te bereiken via de koppelingen hierboven c.q. via JS-Refetrence hiernaast.

Ingebouwde objecten

String

Het string object wordt gebruikt om opgeslagen stukken tekst te manipuleren. Voorbeelden zijn:

  • Het vinden van de lengte van de string
  • Het opmaken van de inhoud van de string (styling)
  • Het vervangen van een deel van de tekst in de string door een andere tekst

 

Dit voorbeeld geeft een knipperende "Hallo wereld!":

<script type="text/javascript">
var str="Hallo wereld!"
document.write(str.blink())
</script>

JavaScript String Object Reference

Methods

FF: Firefox, N: Netscape, IE: Internet Explorer

MethodBeschrijvingFFNIE
anchor() Creeërt een HTML anchor 1 2 3
big() Toont een string in een groot lettertype (font) 1 2 3
blink() Toont een knipperende string 1 2  
bold() Toont een vet weergegeven string (bold) 1 2 3
charAt() Toont het (letter)teken dat op een aangegeven positie staat 1 2 3
charCodeAt() Toont de Unicode van het (letter)teken dat op een aangegeven positie staat 1 4 4
concat() Verenigd twee of meer strings 1 4 4
fixed() Toont een string als teletype tekst 1 2 3
fontcolor() Toont een string in een bepaalde kleur 1 2 3
fontsize() Toont een string in een bepaalde grootte 1 2 3
fromCharCode() Neemt de specifieke Unicode waardes een geeft een string terug 1 4 4
indexOf() Retourneert de positie van de eerste plaats waar een gespecificeerde string waarde in a string voorkomt 1 2 3
italics() Toont een string in schuinschrift (italic) 1 2 3
lastIndexOf() Retourneert de positie van de laatste plaats waar een gespecificeerde string waarde in a string voorkomt, zoekt daarbij terugwaarts van een gespecificeerde positie in een string 1 2 3
link() Toont een string als een hyperlink 1 2 3
match() Zoekt naar een gespecificeerde waarde in een string 1 4 4
replace() Vervangt sommige tekens door andere tekens in een string 1 4 4
search() Zoekt in een string naar een gespecificeerde waarde 1 4 4
slice() Haalt een deel uit een string en stopt deze in een nieuwe string 1 4 4
small() Toont een string in kleine tekens (font) 1 2 3
split() Splitst een string in een verzameling (array) van strings 1 4 4
strike() Toont een string met een doorhaling 1 2 3
sub() Toont een string als subscript 1 2 3
substr() Haalt een gegeven aantal tekens uit een string, vanaf een start index 1 4 4
substring() Haalt de tekens uit een string tussen twee gespecificeerde indices 1 2 3
sup() Toont een string als superscript 1 2 3
toLowerCase() Toont een string in kleine letters 1 2 3
toUpperCase() Toont een string in hoofdletters 1 2 3
toSource() Toont de broncode van een object 1 4 -
valueOf() Retourneert de primitieve waarde van een String object 1 2 4

 

Properties

PropertyBeschrijvingFFNIE
constructor Een verwijzing naar de functie (function) die het object maakte 1 4 4
length Retourneert het aantal tekens in een string 1 2 3
prototype Maakt het mogelijk properties en methods aan het object toe te voegen 1 2 4

 

Date

Het date object wordt gebruikt om te werken met datum en tijd. Voorbeelden zijn:

  • Het vinden van de datum van vandaag
  • Het vinden van het aantal jaren sinds 1948
  • Het maken van een klok op de pagina

 

Voorbeelden

Definiëren van een datum object (genoemd mijnDatum)

var mijnDatum=new Date()

NB. Het datum object bevat automatisch de datum en tijd van het moment van oproepen als initiële waarden

Manipuleren van data
In dit voorbeeld wordt aan een datum de waarde 14 oktober 2013 gegeven.

var mijnDatum=new Date()
mijnDatum.setFullYear(2013,10,14)

In het volgende voorbeeld wordt de datum verschoven naar een punt vijf dagen in de toekomst

var mijnDatum=new Date()
mijnDatum.setDate(mijnDatum.getDate()+5)

Vergelijken van data

var mijnDatum=new Date()
mijnDatum.setFullYear(2013,10,14)
var vandaag = new Date()
if (mijnDatum>vandaag)
alert("Het is nog niet 14 oktober 2013")
else
alert("Het is al na 14 oktober 2013")

JavaScript Date Object Reference

Methods

FF: Firefox, N: Netscape, IE: Internet Explorer

MethodBeschrijvingFFNIE
Date() Retourneert de datum en tijd van vandaag 1 2 3
getDate() Retourneert de dag van de maand van het Date object (van 1-31) 1 2 3
getDay() Retourneert de dag van de week van het Date object (van 0-6) 1 2 3
getMonth() Retourneert de maand van het Date object (van 0-11) 1 2 3
getFullYear() Retourneert het jaar, als vier-cijfer getal, van een Date object 1 4 4
getYear() Retourneert het jaar, als twee- of vier-cijfer getal, van een Date object. Gebruik bij voorkeur getFullYear() !! 1 2 3
getHours() Retourneert het uur van een Date object (van 0-23) 1 2 3
getMinutes() Retourneert de minuten van een Date object (van 0-59) 1 2 3
getSeconds() Retourneert de seconden van een Date object (van 0-59) 1 2 3
getMilliseconds() Retourneert de milliseconden van een Date object (van 0-999) 1 4 4
getTime() Retourneert het aantalmilliseconden vanaf middernacht 1 Januari 1970 1 2 3
getTimezoneOffset() Retourneert het verschil in minuten tussen de lokale tijd en Greenwich Mean Time (GMT) 1 2 3
getUTCDate() Retourneert de dag van de maand van een Date object volgens de universele tijd (van 1-31) 1 4 4
getUTCDay() Retourneert de dag van de week van een Date object volgens de universele tijd (van 0-6) 1 4 4
getUTCMonth() Retourneert de maand van een Date object volgens de universele tijd (van 0-11) 1 4 4
getUTCFullYear() Retourneert het jaar als vier-cijfer getal van een Date object volgens de universelen tijd 1 4 4
getUTCHours() Retourneert het uur van een Date object volgens de universele tijd (van 0-23) 1 4 4
getUTCMinutes() Retourneert de minutenvan een Date object volgens de universele tijd (van 0-59) 1 4 4
getUTCSeconds() Retourneert de secondenvan een Date object volgens de universele tijd (van 0-59) 1 4 4
getUTCMilliseconds() Retourneert de milliseconden van een Date object volgens de universele tijd (van 0-999) 1 4 4
parse() Neemt een date string en retouneert het aantal milliseconden sedert middernacht 1 Januari 1970 1 2 3
setDate() Bepaalt de dag van de maand in een Date object (van 1-31) 1 2 3
setMonth() Bepaalt de maand in een Date object (van 0-11) 1 2 3
setFullYear() Bepaalt het jaar in een Date object (vier cijfers) 1 4 4
setYear() Bepaalt het jaar in een Date object (twee of vier cijfers). Gebruik bij voorkeur setFullYear() !! 1 2 3
setHours() Bepaalt het uur in een Date object (van 0-23) 1 2 3
setMinutes() Bepaalt de minuten in een Date object (van 0-59) 1 2 3
setSeconds() Bepaalt de seconden in een Date object (van 0-59) 1 2 3
setMilliseconds() Bepaalt de milliseconden in een Date object (van 0-999) 1 4 4
setTime() Berekent een datum en een tijd door optellen of aftrekken van een gespecificeerd aantal milliseconden naar/vanaf middernacht 1 januari 1970 1 2 3
setUTCDate() Bepaalt de dag van de maand in een Date object volgens de universele tijd (van 1-31) 1 4 4
setUTCMonth() Bepaalt de maand in een Date object volgens de universele tijd (van 0-11) 1 4 4
setUTCFullYear() Bepaalt het jaar in een Date object volgens de universele tijd (vier cijfers) 1 4 4
setUTCHours() Bepaalt de uren in een Date object volgens de universele tijd (van 0-23) 1 4 4
setUTCMinutes() Bepaalt de minuten in een Date object volgens de universele tijd (van 0-59) 1 4 4
setUTCSeconds() Bepaalt de seconden in een Date object volgens de universele tijd (van 0-59) 1 4 4
setUTCMilliseconds() Bepaalt de milliseconden in een Date object volgens de universele tijd (van 0-999) 1 4 4
toSource() Representeert de broncode van een object 1 4 -
toString() Converteert een Date object naar een string 1 2 4
toGMTString() Converteert een Date object, volgens de Greenwich time, naar een string. gebruik bij voorkeur toUTCString() !! 1 2 3
toUTCString() Converteert een Date object, volgens de universele tijd, naar een string 1 4 4
toLocaleString() Converteert een Date object, volgens de lokale tijd, naar een string 1 2 3
UTC() Neemt een datum en retouneert het aantal milliseconden sedert middernacht 1 Januari 1970 volgens de universele tijd 1 2 3
valueOf() Retourneert de primitieve waarde van een Date object 1 2 4

 

Properties

PropertyBeschrijvingFFNIE
constructor Een verwijzing naar de functie (function) die het object maakte 1 4 4
prototype Maakt het mogelijk properties en methods aan het object toe te voegen 1 3 4

 

Array

Het array object wordt gebruikt om een groep waarden in een enkele variabele naam op te slaan en daar vervolgens mee te werken. Voorbeelden zijn:

  • Het schrijven van array waarden naar een output
  • Het gebruiken van waarden van een array in een overzicht
  • Het schrijven van array-waarden naar een string voor verder gebruik.

 

Het Array Object kent een aantal mogelijke handelingen:

  • Definiëren van Arrays
  • Toevoegen van waarden aan Arrays
  • Toegang verkrijgen tot Arrays
  • Veranderen van waarden in bestaande Arrays
  • Gebruiken van Multidimensionale Arrays
  • Maken van een Database van Arrays

 

Definiëren

We definiëren een Array object met een nieuw trefwoord. De volgende coderegel definieert een Array object met de naam mijnArray:

var mijnArray=new Array()

Toevoegen

Er zijn twee manieren om waarden toe te voegen aan een array (je kunt net zoveel waarden toevoegen om net zoveel variabelen te definiëren als je wilt):

methode 1:

var mijnautos=new Array()
mijnautos[0]="Simca"
mijnautos[1]="Vauxhall"
mijnautos[2]="Mazda"

NB. Door een integer argument toe te voegen kun je de grootte van de array bewaken. In plaats van

new Array()
schrijf je dan
new Array(3)

methode 2:

var mijnautos=new Array("Simca","Vauxhall","Mazda")

NB: Als je getallen specificeert of de waarden true of false binnen de array dan veranderen de typen variabelen in numeriek of Boolean in plaats van string.

Associatieve arrays.
Hierboven zijn de indices 0, 1 en 2 gebruikt om het merk van de auto op te slaan. Het is ook mogelijk om associatieve arrays tre gebruiken. In plaats van een getal gebruiken we dan een omschrijving, bijvoorbeeld het land waar de auto vandaan komt:

var mijnautos=new Array()
mijnautos[frankrijk]="Simca"
mijnautos[engeland]="Vauxhall"
mijnautos[japan]="Mazda"

Toegang tot Arrays

Je kunt refereren naar een speciaal element in een array door te refereren aan de naam van het array en het indexnummer. Het indexnummer start bij 0.
De volgende coderegel levert het aangegeven resultaat op:

document.write(mijnautos[frankrijk])
Simca

Veranderen van waarden in bestaande Arrays

Om een waarde in een array te veranderen hoeft alleen maar een nieuwe waarde gegeven te worden aan het array met opgave van een gespecificeerd indexnummer:

mijnautos[frankrijk]="Renault"

De volgende coderegel levert nu het eronder genoemde resultaat op:

document.write(mijnautos[frankrijk])
Renault

 

Multidimensionale Arrays

Wanneer elementen van arrays weer arrays zijn, spreekt men van multi-dimensionale arrays. Dit type array kan bijvoorbeeld gebruikt worden om gegevens op te slaan over de auto. Voorbeeld: We willen van de auto opslaan: type, bouwjaar en brandstofsoort. Hiertoe maken we eerste een functie die als parameters de benodigde items omvatten:

function auto(type, Jaar, Brandstof)
{
this.Type = Type
this.Jaar = Jaar
this.Brandstof = Brandstof
}

In een tweede stap hebben we een normale array nodig, maar met eigen instances voor elke auto:

var info - new Array(3)
info(frankrijk) = new auto("Simca Rally","1973","benzine");
info(engeland) = new auto("Vauxhall Chevette","1976","diesel");
info(japan) = new auto("Mazda 323","1980","gas");

Hiermee hebben we een tweedimensionale array gemaakt. De eerste dimensie wordt gevormd door type, bouwjaar en brandstofsoort, de tweede door de afzonderlijke gegevens bij de eerste. In dit script kunnen we bijvoorbeeld met document.write het tweede bouwjaar als volgt weergeven:

document.write(info[engeland].Jaar)

Om het totale blok van afzonderlijke array-elementen weer te geven zouden we nu steeds info[engeland].Titel, info[engeland].Jaar, info[engeland].Brandstof met de methode document.write moeten weergeven. Om dit te vergemakkelen wordt er nog een functie geschreven:

function weergave()
{
document.write("Autotype: "+ this.Type +
<br>Bouwjaar: "+ this.Jaar +
<br>Brandstoftype: "+ this.Brandstof);
}

Deze functie kan met een enkele oproep een geheel gegevensblok weergeven. Om te zorge dat deze functie met ons object samenwerkt meten we de functie weergave() aan de functie auto() toevoegen.

this.weergave = weergave;

Door deze informatie wordt de functie via het door ons gemaakte object opgeroepen. Om een blok weer te geven wordt de volgende instructie geschreven:

info[engeland].weergave()

Database van arrays

In het navolgende voorbeeld wordt een database gemaakt waarin een verzameling koppeling met beschrijvingstekst en koppelingen worden opgeslagen. De afzondelijke items worden door een keuzevenster (Select Box) opgevraagd en de tekst moet in een tekstvak worden weergegeven.Tegelijkertijd wijzigen we de waarde (value) van de knop evenals de handeling die voor het uitvoeren van de koppeling bedoeld is. Hiervoor maken we eerrst een nieuw array-object:

var Titel = new Array(4);
var Beschrijving = new Array(4);
var Url = new Array(4);

Omdat we voor onze doeleinden verschillende soorten informatie willen aanbieden, hebben we meerdere arrays nodig. In dit voorbeeld gaat het om drie soorten informatie en dus om drie verschillend arrays. In de volgende stap worden de arrays gevuld met waarden:

Titel[0] = "Koppelingendatabase"
Beschrijving[0] = "Om gegevens op te roepen, maakt u een keuze uit het keuzevenster."
Url[0] = " -- URL -- "

Titel[1] = "Pagina een"
Beschrijving[1] = "Op pagina een vindt u veel\r\nwinkelsuggesties"
Url[1] = "pagina1.htm"

Titel[2] = "Pagina twee"
Beschrijving[2] = "Op pagina twee vindt u veel\r\nkooksuggesties"
Url[2] = "pagina2.htm"

Titel[3] = "Pagina drie"
Beschrijving[3] = "Op pagina drie vindt u veel\r\neetsuggesties"
Url[3] = "pagina3.htm"

Titel[4] = "Pagina vier"
Beschrijving[4] = "Op pagina vier vindt u veel\r\nsuggesties voor het afvallen"
Url[4] = "pagina4.htm"

NB-1. In de url worden webpagina's genoemd. Die dienen derhalve ook gemaakt te worden.
NB-2. De gerelateerde gegevens zijn steeds in een blok samengevat. Dit maakt het geheel overzichtelijk en toevoegen, wijzigen en verwijderen eenvoudiger. NB-3. De informatie in blok 0 moet tijdens het laden van de pagina worden weergegeven, omdat de eigenlijke gegevens pas later via een keuzevenster worden opgeroepen.

 

Met de volgende functie wordt de index van het keuzevenster geïnitieerd

function form_Keuze() {
return document.forms[0].elements[0].selectedIndex;
}

Om de afzonderlijke pagina's te kunnen aansturen, is een functie nodig die de sprongmarkeringen naar de koppelingen -afhankelijk van de keuze- van de gebruiker automatisch bijwerkt.

function toon_URL() {
var url_nr = form_Keuze();
if (url_nr == 0){
alert('\nKies een optie uit de lijst.')

} else {
document.location.href = Url[url_nr];
}
}

Door de if ... else constructie wordt gezorgd dat klikken op een koppeling alleen een alert-venster oproept. Wordt er een keuze gemaakt, dan werkt de sprongmarkering zichzelf bij.

Om alle informatie dynamisch weer te geven, wordt nog een functie ingesteld.

function toon_Tekst() {
var keuze = form_Keuze();
document.forms[0].elements[1].value = Titel[keuze] + '\n' + Beschrijving[keuze];
document.forms[0].elements[2].value = Url[keuze];
}

Deze instructies zorgen ervoor, dat afhankelijk van de keuze van de gebruiker de overeenkomstige gegevens in de desbetreffende formulierelementen worden weergegeven.

Omdat we de informatie van het eerste gegevensblok([0]) tijdens het laden van de pagina willen weergeven, wordt hier een extra functie voor gemaakt.

function start() {
document.forms[0].elements[0].selectedIndex = 0;
document.forms[0].elements[1].value = Titel[0] + '\n' + Beschrijving[0];
document.forms[0].elements[2].value = Url[0];
}

Om deze functie te laten werken moeten we in de body-tag de event handler onLoad="start()" insluiten.

In het html-document zelf, is alleen een formulier nodig.

<FORM>
<SELECT SIZE="5" MULTIPLE onChange="toon_Tekst();">
<OPTION>Uw keuze:
<OPTION>Keuze een
<OPTION>Keuze twee
<OPTION>Keuze drie
<OPTION>Keuze vier
</SELECT>
<TEXTAREA NAME="j" COLS="60" ROWS="3">
</TEXTAREA>
<INPUT TYPE=BUTTON VALUE=" ............... "
onClick="toon_URL()">
</FORM>

De event handler onChange zorgt ervoor, dat al naar gelang de keuze van de gebruiker de bijbehorende informatie wordt weergegeven. Met onClick bereiken we dat de knop tijdens het klikken erop verbinding maakt met de bijbehorende koppeling.

JavaScript Array Object Reference

Methods

FF: Firefox, N: Netscape, IE: Internet Explorer

MethodBeschrijvingFFNIE
concat() Samenvoegen van twee of meer arrays en retourneren van het resultaat 1 4 4
join() Stopt alle elementen van een array in een string. De elementen worden gescheiden door een gespecificeeerde delimiter 1 3 4
pop() Verwijdert en retourneert het laatste element van een array 1 4 5.5
push() Voegt een of meer elementen toe aan het eind van een array en retourneert de nieuwe lengte 1 4 5.5
reverse() Keert de volgorde van de elementen in een array om 1 3 4
shift() Verwijdert en retourneert het eerste element van een array 1 4 5.5
slice() Retourneert geselecteerde elementen van een bestaande array 1 4 4
sort() Sorteert de elementen van een array 1 3 4
splice() Verwijdert en voegt nieuwe elementen toe aan een array 1 4 5.5
toSource() Toont de broncode van een object 1 4 -
toString() Converteert een array in een string en retourneert het resultaat 1 3 4
unshift() Voegt een of meer elementen toe aan het begin van een array en retourneert de nieuwe lengte 1 4 6
valueOf() Retourneert de primitieve waarde van een Array object 1 2 4

 

Properties

PropertyBeschrijvingFFNIE
constructor Een verwijzing naar de functie (function) die het object maakte 1 2 4
index   1 3 4
input   1 3 4
length Bepaalt of retourneert het aantal elementen in een array 1 2 4
prototype Maakt het mogelijk properties en methods aan het object toe te voegen 1 2 4

 

Boolean

Het Boolean object wordt gebruikt om niet-Booleaanse waarden om te zetten in Booleaanse waarden (true of false).

Definiëren
We definiëren een Boolean object met een nieuw trefwoord. De volgende coderegel definieert een Boolean object met de naam mijnBoolean:

var mijnBoolean=new Boolean()

NB. Als het Boolean object geen initiële waarde heeft, of het heeft de waarde 0, -0, null, "", false, undefined, of NaN, dan wordt het op false gezet. Anders is het true (zelfs met de string "false")!

Alle volgende coderegels creeëren Boolean objects met een initiële waarde false:

var mijnBoolean=new Boolean()
var mijnBoolean=new Boolean(0)
var mijnBoolean=new Boolean(null)
var mijnBoolean=new Boolean("")
var mijnBoolean=new Boolean(false)
var mijnBoolean=new Boolean(NaN)

 

Alle volgende coderegels creeëren Boolean objects met een initiële waarde true:

var mijnBoolean=new Boolean(true)
var mijnBoolean=new Boolean("true")
var mijnBoolean=new Boolean("false")
var mijnBoolean=new Boolean("Richard")

 

JavaScript Boolean Object Reference

Methods

FF: Firefox, N: Netscape, IE: Internet Explorer

MethodBeschrijvingFFNIE
toSource() Representeert de broncode van een object 1 4 -
toString() Converteert een Booleaanse waarde in een string and retourneert het resultaat 1 4 4
valueOf() Retuurneert de primitieve waarde van een Booleaans object 1 4 4

 

Properties

PropertyBeschrijvingFFNIE
constructor Een verwijzing naar de functie (function) die het object maakte 1 2 4
prototype Maakt het mogelijk properties en methods aan het object toe te voegen 1 2 4

 

Math

Het Math object maakt het mogelijk eenvoudige rekenkundige berekeningen uit te voeren. Het bevat diverse rekenkundige waarden en functies. Voorbeelden van gebruik zijn:

  • afronden van getallen
  • maken van random getallen
  • uitzoeken welk getal het hoogste cq laagste is
  • uitvoeren rekenkundige bewerkingen

 

JavaScript voorziet in acht rekenkundige waarden die via het math object verkregen kunnen worden. Het betreft: E, PI, vierkantswortel van 2, vierkantswortel van 1/2, natuurlijke logaritme van 2, natuurlijke logaritme van 10, base-2 logaritme van E, and base-10 logaritme van E.
Op de navolgende wijze kunnen deze gehanteerd worden:

Math.E
Math.PI
Math.SQRT2
Math.SQRT1_2
Math.LN2
Math.LN10
Math.LOG2E
Math.LOG10E

Rekenkundige methoden
In aanvulling op rekenkundige waarden waar math over beschikt, beschikt math ook over een aantal functies (methods):

In het volgende voorbeeld wordt een getal met behulp van de round() methode afgerond naar de dichtstbijzijnde integer:

document.write(Math.round(4.7))

De code hierboven resulteert in de volgende output:

5

Het volgende voorbeeld gebruikt de random() methode om een willekeurig getal tussen 0 en 1 te vinden:

document.write(Math.random())

De code hierboven kan resulteren in de volgende output:

 

Het volgende voorbeeld gebruikt de floor() and random() methodes om een random getal tussen 0 en 10 te genereren:

document.write(Math.floor(Math.random()*11))

De code hierboven kan resulteren in de volgende output:

10

JavaScript Math Object Reference

Methods

FF: Firefox, N: Netscape, IE: Internet Explorer

MethodBeschrijvingFFNIE
abs(x) Retourneert de absolute waarde van een getal 1 2 3
acos(x) Retourneert de arccosinus van een getal 1 2 3
asin(x) Retourneert de arcsinus van een getal 1 2 3
atan(x) Retourneert de arctangens van x als een numerieke waarde tussen -PI/2 en PI/2 radiaal 1 2 3
atan2(y,x) Retourneert de hoek theta van een (x,y) punt als een numerieke waarde tussen de -PI en PI radiaaal 1 2 3
ceil(x) Retourneert de waarde van een getal afgerond naar boven naar de dichtstbijzijnde integer 1 2 3
cos(x) Retourneert de cosinus van een getal 1 2 3
exp(x) Retourneert de waarde van Ex 1 2 3
floor(x) Retourneert de waarde van een getal afgerond naar beneden naar de dichtstbijzijnde integer 1 2 3
log(x) Retourneert de natuurlijke logarithm (basis E) van een getal 1 2 3
max(x,y) Retourneert het getal met de hoogste waarde van x en y 1 2 3
min(x,y) Retourneert het getal met de laagste waarde van x en y 1 2 3
pow(x,y) Retourneert de waarde van x tot de macht y 1 2 3
random() Retourneert een random getal tussen 0 en 1 1 2 3
round(x) Rond een getal af naar de dichtstbijzijnde integer 1 2 3
sin(x) Retourneert de sinus van een getal 1 2 3
sqrt(x) Returns the square root of a number 1 2 3
tan(x) Retourneert de tangens van een hoek 1 2 3
toSource() Representeert de broncode van een object 1 4 -
valueOf() Retourneert de primitieve waarde van een Math object 1 2 4

 

Properties

PropertyBeschrijvingFFNIE
constructor Een verwijzing naar de functie (function) die het object maakte 1 2 4
E Retourneert Euler's constante (ongeveer 2.718) 1 2 3
LN2 Retourneert de natuurlijke logarithm van 2 (ongeveer 0.693) 1 2 3
LN10 Retourneert de natuurlijke logarithm van 10 (ongeveer 2.302) 1 2 3
LOG2E Retourneert de basis 2 logarithm van E (ongeveer 1.414) 1 2 3
LOG10E Retourneert de basis 10 logarithm van E (ongeveer 0.434) 1 2 3
PI Retourneert (ongeveer 3.14159) 1 2 3
prototype Maakt het mogelijk properties en methods aan het object toe te voegen 1 2 4
SQRT1_2 Retourneert de vierkantswortel van 1/2 (ongeveer 0.707) 1 2 3
SQRT2 Retourneert de vierkantswortel van 2 (ongeveer 1.414) 1 2 3




Terug naar de top